
Als Online Marketeers kunnen we soms mooie dingen jatten van onze offline marketing ‘vrinden’. Zo staat in ieder oldschool marketingboek wel iets geschreven over de adoptiecurve. Lijkt uitgekauwd, maar toch is het eigenlijk stiekem best wel een handig model.
In de adoptiecurve 2.0 staan (in dit geval) alle social media waarop we, bij de Rabobank waar ik werk, actief willen zijn, namelijk Twitter, Facebook, LinkedIn, YouTube en Hyves.
Het model is eigenlijk heel simpel: De innovators en early adopters zijn de mensen die iets gaan gebruiken omdat het cool is. Zij hebben de simpele reden: “Gewoon omdat het kan”. Denk aan de mensen die helemaal aan het begin van Twitter al een account aanmaakten. Dat was gewoon cool om te hebben, omdat het nieuw was.
De majority moet iets vooral nuttig vinden. Netwerken via LinkedIn heeft bijvoorbeeld voor veel mensen inmiddels toegevoegde waarde bewezen. De laggerds zijn diegenen die uiteindelijk de noodzaak van het middel zijn gaan inzien, simpelweg omdat ze niet meer zonder kunnen. Denk bijvoorbeeld aan (groot)ouders die op Hyves gaan, zodat ze kunnen zien wat hun (klein)kinderen daar allemaal uitspoken.
Wat nou vervolgens blijkt, is dat opleidingsniveau en leeftijd goede voorspellers zijn voor de plek in de adoptiecurve. Hoe lager de opleiding, hoe meer naar rechts. Ook geldt, hoe hoger de leeftijd, hoe meer naar rechts. Dat betekent niet dat op Hyves alleen maar laagopgeleide ouderen zitten, of op Twitter alleen maar hoogopgeleide jongeren. Maar het zegt wel iets over de manier en de snelheid waarop sociale media worden omarmd.
Door alle sociale media op deze manier in een model te plotten, zie je redelijk goed wat je bereik is en waar je je op zou moeten richten als je je doelgroep wilt bereiken. Af en toe is zo’n model uit de offline wereld zo gek nog niet.